/*Filosofie | Kromst*/ Filosofie ~ Kromst
Posts tonen met het label Filosofie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Filosofie. Alle posts tonen

Leven en geloven op planeet Ticu.

"Geloven is immoreel", kopt filosoof Mihai Martoiu Ticu op de Joop. Pakkende titel. Ik had nog nooit van deze man gehoord, dus was erg benieuwd. Niet zozeer naar hem, maar meer naar de argumenten in zijn artikel. Lezen op eigen risico, uw tijd krijgt u nooit meer terug. Hierbij dien ik dan ook een momentje stilte in te lassen voor eenieder, die het wel gedaan heeft. Voor de stukjes van hen die gestorven zijn.

-stilte-

Het hele betoog beschouwd, zonder naar de inhoud te kijken, ziet er redelijk uit. Premissen, conclusies en argumentatie om tot een eindconclusie te komen. En daar moet je het dan eigenlijk bij laten. Waarom ik er desondanks een stukje aan moet wijden, is omdat filosofie al langer onder vuur ligt als een soort achterhaald iets. Ze wordt steeds vaker weggezet als een onzinnige exercitie. En ja, als je Ticu leest, dan lijkt dergelijk commentaar volledig legitiem. 

Hier zijn redevoering op een rijtje:

  Premisse 1: Er bestaat geen godsbewijs.
  Premisse 2: Gelovigen betrekken religie in hun beslissingen.
  Premisse 3: Het is irrationeel te beslissen op basis van onbewezen veronderstellingen.
  Conclusie 1: Het is irrationeel te geloven als religie tot beslissingen leidt.
  Premisse 4: Beslissingen hebben gevolgen voor andere mensen.
  Premisse 5: Irrationele beslissingen met negatieve gevolgen voor anderen zijn immoreel.
  Conclusie 2: Het is immoreel te geloven, als geloof negatieve gevolgen heeft voor anderen.

Premisse 1: Er bestaat geen godsbewijs.

Bij premisse 1 al compleet de mist in gaan. Godsbewijzen zijn al zo oud als de filosofie zelve. Ze zijn daarmee, de waarheidsvraag buiten beschouwing latende, een Ding-An-Sich. Een abstract object. Had Ticu echter gesteld dat er daadwerkelijk geen direct bewijs voor het bestaan van God is, dan had hij wellicht een punt gehad, maar zelfs daarmee is de mogelijkheid van het bestaan van een dergelijke entiteit niet uit te sluiten. Het is immers denkbaar dat een dergelijke entiteit mogelijk wel bestaand is en dat op enig moment er derhalve wel bewijs voorhanden zou kunnen zijn. Hedendaagse "godsbewijzen" zijn overigens allang geen bewijzen meer, maar eerder een accumulatie van argumenten. Ook dat had hij behoren te weten. Driewerf slordig.

Premisse 2: Gelovigen betrekken religie in hun beslissingen.

Premisse 2 doet het ook al niet veel beter. Ticu grijpt het uiterst mechanische Newtoniaanse systeem aan om uit te leggen dat beslissingen gestoeld zijn op de som van krachten. Dat we dus met ons volledige persoon een beslissing nemen. Op hetzelfde moment stelt hij dat we dit "vaak (misschien altijd)" doen, waardoor er van de zekerheid van de premisse niets overblijft. Tevens blijft er in zo'n geval ook niets over van vrije wil. Komisch. Er bestaat blijkbaar in zijn hoofd een planeet Ticu met mindless automatons. Ook de sprong van geloof naar religie is opmerkelijk. Alsof religieuzen de enigen zijn die -al dan niet-handelen naar hun wereldbeeld. 

Premisse 3: Het is irrationeel te beslissen op basis van onbewezen veronderstellingen.

Premisse 3 is qua beroerdheid nog mooier. Wetenschappers nemen immers dagelijks beslissingen op basis van onbewezen veronderstellingen. Sterker nog, zelfs ik neem dagelijks beslissingen op grond van onbewezen veronderstellingen, zelfs in de meest simpele zaken, zoals oversteken. Ook ga ik er niet vanuit dat als ik van een flat spring het er levend vanaf breng, ook al is er geen bewijs voor dat zoiets niet het geval zal zijn. Ik meen te weten wat er zal gebeuren, maar dat is volstrekt onbewezen. Op planeet Ticu doet men echter blijkbaar helemaal niet aan waarheidsvinding. Volgende uit premisse 2 bleek ook al dat ze geen wereldbeeld heeft, dus het lijkt logisch. Planeet Ticu is volledig inert, maar dat is nauwelijks rationeel te noemen.  

Conclusie 1: Het is irrationeel te geloven als religie tot beslissingen leidt.

Conclusie 1 moet op basis van de premissen dan ook zijn, dat elk besluit noodzakelijkerwijs altijd (gedeeltelijk) irrationeel is. Religie doet er weinig toe, want dat is immers ook maar een wereldbeeld.

Premisse 4: Beslissingen hebben gevolgen voor andere mensen.

Premisse 4 kan iedereen kort over zijn. Beslissingen hebben immers niet altijd gevolgen voor anderen. Integendeel zelfs, beslissingen hebben doorgaans juist vooral geen gevolgen voor anderen. Zeker niet op planeet Ticu, die immers inert is. Daar neemt niemand besluiten. Hier op aarde wel, maar van praktisch alle besluiten van mijn naaste buren merk ik doorgaans niets. En waar ik al wel iets van merk, hebben ze zelden gevolgen voor mij. 

Premisse 5: Irrationele beslissingen met negatieve gevolgen voor anderen zijn immoreel.

Premisse 5 is wellicht het meest bizar. Denk bijvoorbeeld aan een operatie die tragisch verloopt, met alle gevolgen van dien. Elke chirurg zou op basis van deze premisse acuut de scalpel terzijde leggen. Maar ook dit is volledig normaal op planeet Ticu, want daar doet men nooit iets.  

Conclusie 2: Het is immoreel te geloven, als geloof negatieve gevolgen heeft voor anderen.

Conclusie 2 moet dus zijn, volgende uit alle premissen, dat bestaan per definitie immoreel is. Iedereen gelooft immers iets en alles heeft mogelijk schadelijke gevolgen voor een ander.  

Behalve op planeet Ticu, waar niets ooit iets doet.   




Hannah en Greet

De zon ging bijna onder en de lucht kleurde feloranje boven de Agora. Twee vrouwen bewogen zich langzaam voort tussen de zuilenrij. Het was een moment van rust in een normaal roerige stad. Terwijl de burgers door het naderende donker naar huis werden geroepen zochten zij elkaar hier dagelijks op om van gedachten te wisselen. Greet was een knappe vrouw met witblond haar en Hannah viel op door haar zwarte lokken en doordringende donkere ogen.

Het beloofde een heftige avond worden. Greet had zich hevig verzet tegen een groter wordende groep nieuwkomers in de stad, die zich her en der in kleine hechte gemeenschappen hadden gevestigd. De kritiek van Greet werd door velen geridiculiseerd, slechts een kleine groep gaf haar gelijk. Over het algemeen zag men de nieuwkomers als een goede aanvulling op de beroepsbevolking en zolang ze zich maar niet teveel met alles bemoeiden konden ze rustig blijven.

Greet: Zeg mij waarom jij geen problemen hebt met deze nieuwe groep andersdenkenden in de stad. Het zijn harde werkers, maar houden zich heimelijk op in hun tenten en spreken openlijk hun walging uit over onze gebruiken en levenswijze. Het beste zou zijn dat ze allemaal vertrekken.

Hannah: Hun afkeuring is inderdaad een groot probleem, maar ik ben overtuigd van de Rede en geloof dat er een mogelijkheid moet zijn om met hen samen te kunnen leven.

Greet: Dat klinkt werkelijk absurd! Ze zijn niet voor rede vatbaar. Zij staan voor alles wat wij niet zijn, spuwen op onze straten en onteren onze principes!

Hannah: Toegegeven, het spuwen is een vulgaire gewoonte van primitieve woestijnbewoners. Toch moet je toegeven dat ook onder hun donkere rokken mensen schuilen. Jij staat net zo afkeurend ten opzichte van hen; Dat ze zich terugtrekken is niet meer dan logisch, wij doen hetzelfde. In het sociale leven hoort soort bij soort te zijn. Zo is de natuur der dingen en dat vindt men over het algemeen het prettigste. Wij gelijkdenkenden zoeken elkaar hier toch immers ook op. Je kan mensen niet forceren elkaar te respecteren of als gelijken te zien.

Greet: Ik kan het niet geloven. Jij neemt het op voor de gelukszoekers! Wat kunnen deze ongeletterden nu bijdragen aan onze maatschappij. De taal zijn ze nauwelijks machtig. Het wordt een grote puinhoop!

Hannah: Rustig. Je verwart twee begrippen. De ongeletterden en laag opgeleiden in deze stad hebben altijd al het werk gedaan. Werkenden "maken" slechts en bewijzen ons een dienst door ons taken uit handen te nemen. De echte arbeid wordt immers verricht door de geschoolden. Wij creëren. Wij scheppen. Wij zijn zelfs in staat om hun tentenkampen te vervangen voor mooie gebouwen. We zouden zelfs gebedshuizen voor hen op kunnen richten. Dan zou ook jij je niet langer ergeren aan de aanblik van de armoedige kampen.

Greet: Je bent scherp. Ik moet er inderdaad niet aan denken mijn tijd aan het huishouden te moeten besteden. Toch vind ik de suggestie dat we haatpaleizen neer gaan zetten, waar moord en doodslag wordt gepredikt tegen ons, volstrekt absurd!

Hannah: Hier was ik me niet van bewust, ik heb me nooit in hun religie verdiept. Maar zeker is dat er voor haat en geweld geen plaats is in de samenleving. Hier heerst de rede en in dat licht moet ik zeggen dat ik overhaast ben geweest over de gebedshuizen. Indien ze hun God willen aanbidden zullen ze dat thuis moeten doen. Binnen de eigen muren, in de privésfeer, mag men doen wat men wil.

Greet: Je bent te goed voor deze mensen. Jaloers zullen ze zijn op onze tempels en ze willen afbreken. Je predikt gelijkheid en toch weer niet. Je spreekt met gespleten tong.

Hannah: Nee zeker niet, maar blijkbaar is mijn boodschap je ontgaan. Voor haat is geen plek in onze samenleving. Onze religie en gebruiken prediken geen haat en vormen geen bedreiging voor de openbare orde. De vreedzame samenleving staat altijd voorop. Als hun geloof daarmee in strijd is, verdient het geen plaats en zijn we gedwongen om onderscheid te maken. Desalniettemin moeten wij altijd blijven waken hoe discriminatie beperkt kan blijven binnen de sociale sfeer waar zij legitiem is.

Greet: Verwarrend. Als ik het goed begrijp vind je het legitiem dat iemand, die zichzelf onderscheidt van de samenleving op grond van geloof of gebruiken, bepaalde rechten mag worden ontnomen als deze indruisen tegen onze normen en waarden?

Hannah: Juist! Ditmaal heb je bewezen een uitstekende toehoorder te zijn. In het openbare leven is discriminatie de norm en is iedereen anders. Burgers hebben zich te schikken naar de normen, waarden en wetten van de maatschappij en van hun baas. Alleen binnen de exclusiviteit van de privé-sfeer en hier op de Agora is plaats voor absolute vrijheid. Hier vindt het echte handelen plaats en dit mag niet beperkt worden. Hier bedrijven we de politiek en bestrijden elkaar geweldloos. Hier is iedereen gelijk.

Greet: Als je bedoelt dat ook de nieuwkomers deze sacrale plaats mogen komen bezoedelen met hun haat, ben je knettergek geworden! Ze zullen zeggen onderdrukt te worden en eisen gaan stellen. Ze zullen pogen ons politieke systeem om te buigen naar de hunne!

Hannah: Proberen een ander te overtuigen door de Rede is het goed recht van ieder mens. Onze wetten zijn helder. Bovendien zal het wel een tijd duren voor we ze hier mogen verwelkomen. Onderdrukte minderheden zijn immers nooit de beste beoordelaars en redenaars. Voor ze onze principes hebben doorgrond betwijfel ik of ze in staat zullen zijn om een pientere redenaar met een heldere geest te kunnen overtuigen van hun gelijk. Ze hebben nog heel wat in te halen. Uiteraard moeten we ze niet onderschatten, maar ook niet overschatten. De Rede hoort bij onze cultuur. Holle retoriek wordt beantwoord met snedige zinnen. Snap je waar ik heen wil?

Greet: Ik denk het wel. Je betoogt dat als we ze absolute vrijheid schenken en ze de ruimte binnen onze maatschappij geven, ze tot de Rede zullen komen en zelf in gaan zien dat onze geweldloze tolerantere manier van leven de juiste is. Wellicht zullen ze zelfs afstand nemen van hun ideologie.

Hannah: Voor iemand die me net nog uitmaakte voor knettergek heb je het goed begrepen. Vaak verlies je je hoofd in je woede en angst, en vergeet je de nuance. Als je ze blijft bestrijden komt het nooit goed. Als we ze volledig toelaten, binnen de kaders van onze maatschappij, komt het wellicht goed.

Greet: Tot mijn spijt moet ik bekennen dat je wederom gelijk hebt. Ik ben af en toe een heethoofd. Toch is wat je betoogt, ook al klinkt het solide, een utopie. Discriminatie is immers bij de wet verboden en niemand voelt er iets voor om hun levensomstandigheden te verbeteren. Bovendien willen ze zelf de dialoog niet aangaan, maar sturen altijd dezelfde woordvoerders die keer op keer hetzelfde verkondigen.

Hannah: Tijden veranderen evenals mensen veranderen. Het is nooit te laat Greet. Iedereen zal een handreiking moeten doen en de dialoog aangaan. Hier is alles bespreekbaar. Kom laten we gaan. Het wordt al licht.



*note Dit is een fictief dialoog tussen Geert Wilders (Greet) en Hannah Arendt (Hannah). De uitspraken van Greet zijn fictief en ten dele vrij naar zijn vele toespraken en schrijfsels. De uitspraken van Hannah Arendt zijn fictief en ten dele overgenomen uit nummer 08 (jaargang 1999) van Filosofie Magazine en het het boek De denkers; een intellectuele biografie van de twintigste eeuw.
Copyright © 2010 Kromst All rights reserved.
Wordpress Theme by Templatesnext . Blogger Template by Anshul Dudeja